Steekmuggen hebben water nodig voor de ontwikkeling van eitjes en larven. De keuze van de broedplaats is van cruciaal belang voor de voortplanting van de soort en hangt af van verschillende factoren, zoals: 

  • de waterkwaliteit 
  • de aanwezigheid van andere eitjes
  • de aanwezigheid van natuurlijke vijanden
  • het soort omgeving (open of gesloten, natuurlijk of stedelijk, enz.)

Sommige soorten geven de voorkeur aan overstromingsgebieden met zoet water (bv. Aedes vexans, Aedes sticticus, Aedes cinereus) of met brak water (Aedes caspius, Aedes detritus, Aedes dorsalis, Anopheles atroparvus). Andere soorten geven de voorkeur aan tijdelijke vijvers, poelen, moerassen of vennen in bossen (bv. Aedes cantans, Aedes rusticus, Aedes communis, Aedes punctor). Nog andere steekmuggen geven de voorkeur aan permanente waterrijke gebieden (bv. Anopheles maculipennis sensu lato, Coquillettidia richiardii, Culiseta morsitans). Tenslotte zijn er ook soorten die de voorkeur geven aan kleinere broedplaatsen, zoals boomholten en rotspoelen (Anopheles plumbeus, Aedes geniculatus, Aedes albopictus, Aedes japonicus, Aedes koreicus). Deze laatsten hebben zich ook aangepast aan kunstmatige broedplaatsen, zoals gebruikte autobanden, emmers, goten, bloempotten en regentonnen. Tenslotte zijn er ook soorten die zich hebben aangepast aan een hele reeks verschillende broedplaatsen. Zij kunnen broeden in zowel natuurlijke omgevingen (bv. vijvers) met al dan niet verontreinigd water maar eveneens in kunstmatige broedplaatsen. Dat is bv. het geval voor de gewone huissteekmug, Culex pipiens, en de grote geringde steekmug, Culiseta annulata.

 

Broedplaatsen: autobandenBroedplaatsen: autobandenBroedplaatsenBroedplaatsen: bloempotten

Broedplaatsen: regentonnenBroedplaatsenBroedplaatsen: boomholten  Broedplaatsen: goten